Mijn foto

Zomaar:

Neem inhoud van deze site over (XML)

Kijken

  • Kaartman_2

Aanbevolen:

IK LEES NU:

Laatste reacties

  • karin @ Rinus, het was maar een gr
  • rinus Wel apart om te doen lijkt m
  • Bertie Lijkt me great. Ieder jaar k
  • gala oooooh dat wil ik oook.....n
  • karin @ Thérèse. Ik heb weleens ge
  • Thérèse O, dat zou ik nu zo graag ee
  • karin @ Sandra. Oh, haha. Dat had
  • Sandra Er lande eens een pas getrou
  • Leo Ik heb al heel wat gervlogen
  • Cees Door de lieve verzorging wer
web-log.nl, powered by TypePad


Dsc_2799_5

Gezellig dat je mijn site bezoekt.
Ik ben Karin. In het dagelijks leven illustreer ik v.n. kinderboeken en tijdschriften. Maar schrijven doe ik ook heel graag. Ik vang zoveel op dat ik alles wel op moet schrijven anders blijft alles in mijn achterhoofd zitten.
Bij deze deel ik mijn belevenissen.
©pictoright


Ballonvaart

Lente 2000

Kuifje_3


Het ding lag slap en vormeloos op het weiland en we ritsten onze jassen alvast dicht tot over onze kinnen. We hesen sokken op, veterden veters en stonden onwennig te kijken.

‘Is dát het mandje?’ wees ik ongerust naar de rieten boodschappentas. Tijdens mijn denkbeeldige reis had ik er ruime rondjes in kunnen wandelen.
Hemel. Hier pasten we amper in.

De flodder kwam tot leven. Langzaam maar zeker. Met oorverdovend lawaai werd er lucht naar binnen geblazen en verwarmt. Een reusachtige bol met oren verscheen. Met waanzinnige ogen, mond en neus.

Kuifje.

We werden verzocht in het mandje te klimmen terwijl Kuifje zich probeerde zich los te rukken.

Om de ballon in evenwicht te houden moesten we op onze hurken gaan zitten.
Kuifje worstelde en worstelde tot hij vrijgelaten werd.
Roetsssjjj! Daar gingen we, hoog de lucht in, nagekeken door allerlei klein grut.

Opnieuw laaiden de vlammen op en siste de lucht.
Boven was het stil.
Mooi stil stil.
Windstil.

Ademloos.


Konijntjes bleken reeën. Ik wist niet dat ze met zovelen waren. Autootjes van speelgoed. De hoogste bladeren van de bomen konden wij gewoon plukken.

Tijdens de landing hurkten wij wederom. Met onze hoofden gebogen. We stuiterden en lieten ons uit de mand vallen.

Temidden van een spoor koeienvlaaien rolden we door het gras terwijl Kuifje
langzaam maar zeker
verschrompelde.


Kiek

Deze foto vond ik tijdens het opruimen in een doos. Ik pieker me suf waar deze meneer heeft geposeerd.
Stel je voor dat iemand ongeveer dezelfde foto heeft gekiekt.

Ként iemand deze man?

Onbekende_3

Naschrift:

Na de tip van Lien :

Het was in 'Jardin du Luxembourg' in Parijs.

heb ik een tijdlang op internet gezocht en yes! Dat klopt!

Onderstaande foto vond uiteindelijk op internet.
Wie deze heer is, weet ik nog niet.


Onbekende_2


'Dit gaat wel een week duren!'

Ik voelde me voldaan toen ik thuiskwam. Kilometers en kilometers had ik door de sneeuw gewandeld en nu zou ik (eindelijk) opgepikt worden door vriendlief. Zou ik warme chocomel drinken en lekker op de bank liggen met één der Stiegs. Hoera.

Mijn telefoontje ging. Een dun stemmetje.
‘Ik ben ziek!’

Vriend was thuisgekomen van zijn werk en meteen doorgereden naar het huisje. Daar lag hij onder een dekentje. ‘Maar ik ben in de stad!’ riep ik uit. Enig gekuch en gehoest en... ‘nu moet ik ophangen want ik moet naar toilet,’ was zijn antwoord. Ik deed boodschappen, leende een fiets, zocht aspirine, norit, andere pillen en vitaminen bij elkaar en glibberde kilometers door bergen sneeuw weer terug. Ik gleed drie keer van mijn stalen ros en mijn fiets weigerde terug te komen.

Vriendlief lag met vuurrode konen.
Hij rilde.

‘Dit gaat wel een week duren!’
Hoe vriend dat kon weten was mij een raadsel maar sommige mensen hebben zulke voorgevoelens, daar moet je niet mee spotten.

Het voordeel was dat ik niet hoefde te koken en de hele fles wijn voor mezelf alleen had. Daar werd ik zo vrolijk van op mijn nuchtere maag dat ik, toen ik laat op de avond (zijn) hond uitliet (ik ben geen fan) in de rimboe mijn moeder met dubbele tong belde dat ik door vijf meter sneeuw liep met een hond die niet wilde poepen. ‘Oh, ik bedoel vijf centimeter! Hahahaha!’ In de witte lege rimboe weerklonk mijn eigen lachsalvo. Een haas schoot weg onder de volle maan.

Magisch.

Of de hond alsnog gepoept heeft kan ik u helaas niet melden.
Vriendlief was de volgende dag weer beter.

Geachte onderdanen

Hoewel het de hoogste tijd wordt mijn kroontje over te dragen aan mijn geliefde spruit Willem Alexander, heeft zijn stulpje in Mozambique helaas wat populair stof doen opwaaien. Er zit niets anders op om nog enige tijd op de troon te blijven zitten. Uw Bea blijft vooralsnog paraat! Intussen doe ik mijn uiterste best zoveel mogelijk foutjes en ouderwetsche opmerkingen te maken. Zo doe ik mijn best één van de duurste Koninginnen te blijven en zo heb ik een verdachte* van drugsbezit en wapenbezit de hoogste onderscheiding uitgereikt.
Hopelijk komt dit ten goede aan de populariteit van onze Willem Alexander.

Wat KAN hij moppen vertellen hè.

Bovendien spreek ik U allen aan over uw ietwat
vreemde gedrag. U steekt (regelmatig) geen poot meer uit naar uw naaste. U blijft maar zitten op veilige afstand achter uw beeldscherm. De korte snelle boodschapjes die U via het WWW de wereld inzendt maken dat afstanden tussen u en uw medemens worden vergroot. Het is belangrijk uw buren, die zich overal mee bemoeien en zich bij de rijdende rechter te beklagen over uw boompje, of etensluchten te kennen. Ik heb ze niet. Ik wuif naar iedereen. Daar zouden zomaar heel verre buren tussen kunnen zitten.

Mededogen verbindt ons met de naaste in nood.

Mijn schoondochter Maxima is zeer geliefd. Heeft U gezien dat ze dezelfde (wandel) kuiten heeft? Ik leer haar creatief te zijn met kam en haarspray. Ik ben bereid onbaatzuchtig hulp te bieden en te steunen in wanhoop en haarpijn.

Intussen blijf ik zitten waar ik zit en verroer mij niet.
Ik slaak soms een diepe diepe zucht

en mijmer...

Bloemetjes_gordijn_copy


Het kloptrauma

(Deze column verscheen eerder op het weblog 3x3)
(Momenteel met mooi verhaal van LIEN)

In het huisje bevond zich geen mixer. 
Ooit had ze er eentje gekocht maar nu was het ding onvindbaar.
Ze verschoot van kleur en werd er terstond akelig van.
Voorzichtig goot ze de dunne room in een grote kom,
nam een garde uit de la en klopte verwoed terwijl ze op haar lip beet. Zonder slagroom zou het kerstmaal niet compleet zijn. 

Ze klopte en klopte.

Eén van de gasten bespeurde ernstig ongemak op haar gezicht
en nam de kom met een joviaal gebaar van haar over.

‘Laat MIJ maar even!’ 
Oef. Gelukkig maar. Ze moest louter even bijkomen. 
Haar hoofd bonsde. 

Vervolgens werd de kom doorgegeven aan andere
genodigden die zaten te popelen om handjes te laten wapperen.
 

Daar, temidden van kaarsjes en sterren vertelde zij haar verhaal. 

Het slagroomkloptrauma. 

Als meisje van zeventien werkte ze als dienstmeisje in een groot gezin. Perfectionistisch als ze was deed ze haar werk uitstekend.
Die bewuste dag, echter, zou ze assisteren bij een verjaardagspartijtje. 
Terwijl ze de trap opliep naar de huiskamer riep de vrouw des huizes haar om éérst de slagroom te kloppen. Gedienstig liep ze naar de keuken alwaar een reusachtige kom room op het aanrecht stond. Ze klopte alsof het een lieve lust was en sloeg met de garde. 

‘Het was vre-se-lijk!’ fluisterde ze,
‘het lukte niet! De slagroom werd niet stijf,
HOE ik ook klopte.’

Ze blééf maar roeren, inmiddels in paniek omdat het feestje in volle gang was en zij geacht werd te helpen maar dat niet kón. Toegeven dat het niet lukte was haar eer te na.
Daar alleen in de keuken zweette ze peentjes. 

Uiteindelijk begon de room wat dikker te worden.  

‘Het trauma komt weer helemaal boven,’
slikte ze terwijl ze de kom slagroom nonchalant van de laatste klopgast overnam. Ze roerde verhit vanwege alle emoties. 
De room steeg tot aan de rand en ze toonde de verrukkelijke massa. Een staande ovatie volgde:

'Klopklopklop!' 

Blote voetjes

Ze stond op het perron.
Ze droeg een legergroene kapotte pofbroek
en aan haar voeten prijkten pumps.
Héle witte voetjes had ze.
Bijna blauw.
Sneeuwwitjes.
Geen sokjes aan, geen kousevoetjes.

Haar muts was groot.
Haar jasje klein.
Ik bedacht dat mijn gezicht op
koud stond.
Verkleumd.
Ik wreef mijn handen warm
en blies.

Haar gezicht stond op
triomfantelijk.

Ze zwaaide naar een vriendin
die kwam aangetrippeld.
Ook háár blote voetjes
droegen pumps.

De meisjes wiebelden gearmd
uit beeld
terwijl hun voetjes onuitwisbaar
bleven staan.

Wat gij moet weten

Wat_gij_moet_weten_3

In een vergeeld kookboekje vond ik een bladzijde uit een oude krant. Een zaterdagavond-bijvoegsel van het Algemeen Handelsblad.
In de rubriek:
'Wat gij moet weten’,
las ik de ene slimme tip na de andere.

Een tip om vuile glazen te reinigen bijvoorbeeld:

Onze Zaansche lezeres, die ondanks veel moeite een waschtafelglas nog niet “vlekkeloos” heeft kunnen krijgen, zou nog eens kunnen probeeren of uitschuren met Brusselsche aarde misschien helpt.
Voor een Antwerpsche lezeres.
De vuile rokzoom van de zwarte japon, die zóó niet meer kan worden gedragen, zal wel opknappen, als hij wordt afgeborsteld met zwarte koffie.

Een ervaren huisvrouw uit haar meening:

Het kraken van den vloer, waarover een Zandvoortsche lezeres klaagt, zal hoogstwaarschijnlijk zijn oorzaak vinden in het los liggen van een of meer planken.

Heel handige tips.
Om ongedisponeerd van te worden.


Maar daar was óók weer wat aan te doen.
U_kunt_er_veel_aan_doen_2


'Gaat U nu toch?'

Het was een drukte van jewelste
bij de toiletten van de Hema. Twee wc’tjes voor de dames beschikbaar en slechts één voor de heren. Bezet.

Een opa schoof een jongetje vooruit richting de ‘dames.’

‘De toiletjuf keek op.

‘HIJ mag wel even plassen bij de ‘dames’ maar als uzélf óók een plas moet wil ik u verzoeken naar de ‘heren’ te gaan.
Ze liet een kraan lopen en vervolgde streng:
‘Daar hebben wij toch wel regels voor.’

De rij dames werd langer en langer.
Het jongetje liet weten dat de deur niet op slot mocht en dat zijn opa in de buurt moest blijven.

‘Opa! Het gaat stinken hoor!’

Zijn grootvader murmelde wat.
‘OPA!’ gilde het jongetje weer,
‘Jij moet met je rug tegen de deur gaan staan!’
Opa gehoorzaamde terwijl hij verlegen naar de grond keek.

‘Héél goed tegen de deur aan gaan staan anders lukt het niet!’
‘Ja, jongen, toe nu maar.’
Opa schuifelde met zijn voet.

De rij staarde grootvader aan terwijl het jongetje onmiskenbare geluiden liet ontsnappen.

‘Hmmmpppppff. Hmmmpppfff!’
Het duurde en duurde.
‘Nu moet je mijn billen afvegen, opa!
Kom maar binnen.’ commandeerde zijn kleinzoon.
Opa stapte voorzichtig naar binnen.

Op dat moment schoot de toiletjuffrouw (in het halletje bij het schoteltje) als door een wesp gestoken overeind.

‘Gaat u nu tóch?’ riep ze verbaasd.

Mevrouw Schrootje

(De naam van mevrouw is verzonnen)

Hij had de auto slechts zes dagen in zijn bezit. Geen oudje dit keer. Nee, de man bezat na dertig jaar (eindelijk) een gloednieuw vehikel.
Zo trots als een pauw reed hij rond.

Tot mevrouw Schrootje om 14.00 uur ‘s middags door de bocht schoot zonder voorrang te verlenen en knal!

Een flinke deuk en een behoorlijke scheur ontsierden de bumper. Mevrouw was van plan gewoon door te rijden.

‘Ik heb niet gemerkt dat ik uw auto raakte! Nee hoor, ik heb uw auto niet geraakt. De scheur zat er vast eerder in!’

Ze noteerde toch snel haar gegevens op een briefje voor ze haastig verder reed. Stel je voor. Ze moest lesgeven in een sportschool.

‘Komt U om 21.00 uur maar even bij mij thuis,’ had ze gezegd.

Hij reed later die middag toch even naar de sportschool maar ze bleek onvindbaar.

Mevrouw was om 21.00 uur niet thuis. Daar stond hij dan in de kou. Een half uur later was zij nog niet aanwezig en de derde keer meldde een zoon dat zij over twintig minuten pas zou arriveren.

Zo kwam het dat vriend laat op de avond naar de sportschool reed, alwaar mevrouw Schrootje gezellig na zat te praten. Vriend kon haar bijna niet ontdekken

tussen de boksballen.

'Wil je met me trouwen?' 'Nee,' zei het meisje

De Friese televisie kok introduceerde een kookgast.

Deze zenuwachtige jongeman spatelde voorzichtig stijfgeklopt eiwit door de slagroom. Het geheel zou een bruidstaart worden voor zijn aanstaande.
Terwijl de taart stond op te stijven in de koelkast, begaf de jongen zich samen met de kok naar het rijtjeshuis van zijn geliefde die hevig geschrokken de deur opende.

‘Wat is DIT?’

Haar vriend nodigde haar uit hem te vergezellen naar de studio alwaar zij een tijdje later stoïcijns aan een feestelijk gedekte tafel schoof.

De kok demonstreerde zijn kookkunsten met flair. Het VIPmeisje mocht slechts genieten.
Genieten van de heerlijke wijn, de entourage, de ontelbare rozenblaadjes die op tafel waren uitgestrooid en van haar lieve schat die zich stond uit te sloven in de keuken.

Ze blikte echter strak naar het geheel en nam een hapje van haar feestmaal waar ze lusteloos op kauwde.

De jongen toverde een verfrommeld papiertje uit zijn binnenzak tevoorschijn en las een gedicht voor.

Om te smelten. Oóóóh! Ze mocht wel in haar handjes knijpen met zo’n vent.

Na het gedicht schraapte hij zijn keel.

‘De afgelopen negen jaar heb ik lief en leed met jou gedeeld, Nellie. ‘Ik kan me een leven zonder jou niet voorstellen.

Hij ging op zijn knieën terwijl het meisje hem onverschillig, kauwend aan bleef staren.

‘Wil je met me trouwen?’

‘Nee!’ sprak Nellie prompt.


Terstond schreed een gitarist met een verontschuldigend knikje in beeld en bracht een romantisch lied ter gehore.


De onthutste kok trok zich terug in de keuken en sneed de schitterende bruidstaart aan, waar hij grote vraagtekens op had gespoten en de traditionele bruid en bruidegom miniaturen achterwege had gelaten.
Het meisje mocht proeven. ‘Hoe smaakt het?’ vroeg de kok hoopvol. ‘Te zoet!’ murmelde het meisje met volle mond.

Aangezien de stemming tot het nulpunt gedaald was maakte de televisiekok na afloop dankbaar gebruik van zijn mislukte verrassing:
De bruidssuitte.

Hij sprong voor het oog van de camera in zijn kleine blote kontje maar met een schort voor in het bubbelbad en proostte samen met de vrolijke gitarist op de ‘verkeerde’ afloop met champagne.